Hoe maak je het babybedje veilig op?

Leg je kindje om te beginnen tegen het voeteneinde van het bed, zodat zijn voetjes het bijna raken. Je stopt het laken en het deken overal stevig onder de matras, zodat je kindje ze niet kan lostrekken. Bovenaan zorg je voor een niet al te grote lakenomslag die onder de kin komt en de schoudertjes bedekt.

Je leest het goed: een dekbed is uit den boze, zeker tot je kind twee jaar is. Kies altijd voor een lakentje en een dekentje. Stop het dekentje ook nooit in een dekbedovertrek. Een trappelend kind kan makkelijk in de hoes vastraken of dit over zijn hoofd trekken.

Belangrijk is dat je je kindje altijd op de rug legt om te slapen. Buiklig geeft meer kans op wiegendood. Rolt je kindje makkelijk om, ga dan een paar keer kijken en leg het weer op de rug. Gebruik zeker geen extra kussentjes of riempjes, want ook dit vergroot de kans op wiegendood.

Kies de plek waar je het babybedje zet zorgvuldig uit. Niet te dicht bij de verwarming, stopcontacten, gordijnkoorden of allerhande snoeren. Uiteraard zorg je dat het bedje stabiel staat, zodat je kindje niet naar één hoek kan rollen en stikken. 

Bericht delen: